Aniko Kover

Ekro

Elke ochtend rinkelt om vijf uur de wekker op het nachtkastje van Aniko Kover (34). En  zonder uitzondering staat zij fluitend naast het bed, popelend om naar ‘haar’ Ekro te gaan. Vanaf de megakattenrots wuift Minalou haar na. ‘Ik was de eerste buitenlandse werknemer én de eerste vrouw bij onze afdeling’, vertelt ze trots.  

Vanuit Dunaújváros, een stad in centraal-Hongarije, googelde de avontuurlijke Aniko, toen 21 jaar, op internationale vacatures. In Nederland kon ze aan de slag bij een vleesverwerkend bedrijf in Meppel, waarna ze via een omzwerving in Druten met haar ervaring terecht kon in de kalverslachterij in Apeldoorn. Haar man Ferenc werkt ook bij Ekro. Inmiddels is Aniko gepromoveerd tot floormanager van de ‘Witte Hal’. ‘Het is er superschoon en netjes’, zegt ze. ‘En het werk is uitdagend en afwisselend.’ De Hongaarse is in het bezit van een talenknobbel en een goed luisterend oor. Ze praat bijzonder goed Nederlands, ook met haar Hongaarse collega’s, en communiceert op een rustige, duidelijke manier, met de nodige humor. Ook buiten het werk staat ze haar mannetje. Als sportvisser speurt ze de wateren van Apeldoorn en omstreken af op steur en karper. Aniko’s droom? ‘Een opleiding volgen. Om nóg beter Nederlands te leren.’